Klimaatadaptatie, aanpassen of aanmodderen?

Klimaatadaptatie, aanpassen of aanmodderen?

Het is verleidelijk om wekelijks over de oorlog tegen Iran en de gevolgen voor de energievoorziening te schrijven. Daar is ook alle aanleiding voor. Door de wispelturigheid van Trump is er geen pijl op te trekken hoe lang de oorlog nog duurt en hoe lang de levering van olie en vloeibaar gas (LNG) uit de Golfregio verstoord blijft.

De financiële markten rekenen erop dat het tankertransport door de Straat van Hormuz op niet al te lange termijn weer wordt hervat. Dat is af te lezen aan de verschillende olieprijzen. De olieprijs voor levering volgende maand (dit is de prijs die meestal wordt genoemd als het gaat over 'dé olieprijs') stond vrijdag rond 109 dollar per vat. Maar als je vandáág een vat olie wil kopen, dan kost dat meer dan 140 dollar. De onzekerheid zit dus vooral op de korte termijn. Als de oorlog over twee weken eindigt, dan zal de rust inderdaad langzaam terugkeren, maar de situatie kan ook escaleren en tot nog veel hogere olieprijzen leiden.

De oorlog drukt de wereld met de neus op de feiten: een energievoorziening gebaseerd op olie en gas is kwetsbaar voor geopolitieke schokken en militaire krachtpatserij. De leveringszekerheid is in het geding en de prijsvorming is onvoorspelbaar. De oorlog is daarom een argument om volop door te gaan met de energietransitie. Het klimaatargument klinkt steeds minder vaak, maar is er nog altijd. Klimaatverandering als aanjager van de energietransitie dreigt op de achtergrond te raken, daarom wil ik het er deze week over hebben. Ik las twee interessante publicaties. Eentje over de herbebossing van de Taklamakan-woestijn in China en een klimaatrapport van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL).

Bebossing van de Taklamakan-woestijn

Satellietbeelden van de NASA - National Aeronautics and Space Administration laten zien dat China er in slaagt om de oprukkende woestijn in te dammen. Sinds 1978 werkt het land aan een groene gordel rondom zijn grootste woestijn. Deze Taklamakan-woestijn, wat letterlijk betekent 'je gaat erin maar komt er niet uit', heeft een rand van bomen en struiken gekregen. Het kostte bijna vijftig jaar consequent planten, investeren en volhouden. Het project dient meerdere doelen tegelijk: voedselzekerheid, CO₂-opslag en sociale stabiliteit in een onrustige regio. Het is klimaatadaptatie als strategische overheidsinvestering, niet als noodmaatregel.

Klimaatbestendige leefomgeving

Ook Nederland heeft klimaatadaptatie nodig, blijkt uit het PBL-rapport Voorbij de risico's; Keuzes voor een klimaatbestendige leefomgeving. Vrijdag besprak ik het rapport ook kort in mijn podcast met Laetitia Ouillet. De conclusies zijn alarmerend. Sinds 1901 is de temperatuur in Nederland met meer dan 2,5°C gestegen. 2025 kende twee hittegolven. Zonder extra maatregelen sterven in 2050 duizenden mensen vroegtijdig door hitte, lopen 425.000 woningen funderingsschade op (wat 60 miljard euro kost!) en wordt Nederland geconfronteerd met grond die beurtelings te droog én te nat is. Watertekorten in het voorjaar, hoosbuien in de zomer. "Het treft weer vooral de mensen die dat niet kunnen betalen", concludeert Ouillet in de podcast.

Wat kunnen we doen? Het rapport onderscheidt twee richtingen. Intensiveren: meer van hetzelfde, technische oplossingen, airco's, extra pompen, hogere dijken. Transformeren: de leefomgeving zelf aanpassen; meer groen, meer ruimte voor water, ruimtelijke keuzes die anticiperen op hitte en droogte. Die tweede route is ingrijpender en kost op korte termijn meer. Maar voor een aantal opgaven - funderingsschade, droogte, natuur - is transformeren op de lange termijn de enige werkbare route. Klimaatadaptatie moet volgens het PBL geen sluitpost zijn op de begroting, maar een uitgangspunt en randvoorwaarde voor woningbouw, infrastructuur en economische ontwikkeling.

Klimaatrisico's en de energietransitie zijn overigens geen gescheiden werelden. Regionale overstromingen door piekbuien kunnen onderstations platleggen, met keteneffecten voor telefonie en internet, ziekenhuizen en drinkwater. Langdurige droogte drijft energieprijzen op. En naarmate zon en wind een groter aandeel krijgen in de energiemix, groeit de kwetsbaarheid voor dunkelflautes, periodes zonder zon én wind. We bouwen een nieuw energiesysteem, maar bouwen we het ook klimaatbestendig? is de retorische vraag die uit het PBL-rapport opstijgt.

Regeren is vooruitzien

China begon in 1978 met bebossing. Niet omdat de woestijn toen al een crisis was, maar omdat men voorzag wat er zou komen. Klimaatadaptatie vraagt volharding. Nederland weet ook wat er komt; we hebben de rapporten en de data. Het is niet de kennis die ontbreekt, maar langetermijnvisie en besluitvaardigheid. De fundamentele keuze die het PBL voorlegt is geen technische, maar een politieke: richten we ons land klimaatbestendig in, of constateren we achteraf dat we de verkeerde keuzes hebben gemaakt?

De oprukkende Taklamakan woestijn is 25 miljoen jaar oud en wordt dankzij aanhoudende herbebossing weer kleiner. Een leefbaar klimaat en een betrouwbare en betaalbare energievoorziening vragen hetzelfde: een energietransitie die met de blik op de lange termijn voortvarend wordt uitgevoerd.

Meer achtergrond bij het PBL-rapport? Luister hier naar de Studio Schumpeter-podcast met Laetitia Ouillet. Of lees het hele rapport hier.