Explainer: wat heeft de Europese grondstoffenwet opgeleverd?

Explainer: wat heeft de Europese grondstoffenwet opgeleverd?

Grondstoffen als koper en lithium zijn cruciaal voor de energietransitie. Omdat China de toeleveringsketens domineert, is Europa geopolitiek kwetsbaar. De Critical Raw Materials Act van 2024 moest daar verandering in aanbrengen. De Europese Rekenkamer is niet optimistisch over de voortgang. De doelen zijn niet onderbouwd, de uitvoering hapert en de resultaten blijven uit.

De titel van het rapport laat weinig ruimte voor interpretatie. Geen rotsvast beleid, aldus de Europese Rekenkamer over het Europese grondstoffenbeleid. In het rapport dat begin februari 2026 verscheen, concludeert de rekenkamer dat de EU weliswaar een strategische koers heeft uitgestippeld, maar dat de uitvoering rammelt. De pogingen om de invoer van grondstoffen te spreiden over meer landen hebben nog geen tastbare resultaten opgeleverd. Financiële, juridische en administratieve knelpunten remmen de binnenlandse productie. En bij veel projecten die Brussel als strategisch heeft aangemerkt, zal het lastig worden om vóór 2030 iets te leveren.

Waarom zijn die grondstoffen ook alweer zo belangrijk?

De EU wil in 2030 minstens 42,5 procent van haar energie uit hernieuwbare bronnen halen en in 2050 klimaatneutraal zijn. Daarvoor zijn windturbines, zonnepanelen, warmtepompen, batterijen en elektrolysers nodig. De productie daarvan vergt grondstoffen die ergens uit de grond moeten komen.

De Commissie merkt 34 grondstoffen aan als kritiek. Daarvan zijn er 26 nodig voor de belangrijkste technologieën voor hernieuwbare energie. Zeventien worden strategisch genoemd, omdat ze ook onmisbaar zijn voor digitalisering, defensie en ruimtevaart. Lithium en grafiet zijn nodig voor de productie van batterijen, gallium en germanium voor halfgeleiders, en koper is nodig voor alles wat elektriciteit transporteert. Een aparte categorie grondstoffen zijn de zeldzame aardmetalen, zoals neodymium, praseodymium, dysprosium en terbium. Die zitten bijvoorbeeld in de permanente magneten van windturbines en elektromotoren.

De vraag naar kritieke grondstoffen stijgt. De jaarlijkse Europese behoefte aan zeldzame aardmetalen voor windturbinemotoren kan volgens de Rekenkamer richting 2030 verzesvoudigen.

Hoe liggen de verhoudingen in de wereld?

Ongunstig, en vooral op één punt. Niet in de mijnbouw, want die is redelijk gespreid: de drie grootste producentenlanden zijn samen goed voor ongeveer 76 procent van de wereldwijde mijnbouw van deze grondstoffen, een aandeel dat richting 2035 licht daalt. Het knelpunt zit een stap verderop in de keten, bij het raffineren en verwerken.

Dat stuk van de grondstoffenketen wordt grotendeels gecontroleerd door één land: China.

Volgens gegevens van het Internationaal Energieagentschap (IEA) heeft China ongeveer 70 procent van de wereldwijde lithiumraffinage in handen, 75 procent van de kobaltraffinage, 85 procent van de scheiding van zeldzame aardmetalen voor magneten en meer dan 90 procent van de productie van batterijgrafiet. Wie erts wil, kan kiezen. Wie bruikbare grondstoffen voor productieprocessen wil, kan dat niet.

China heeft decennia geïnvesteerd om deze strategische positie op te bouwen. Volgens cijfers van het IEA heeft China tussen 2018 en 2023 meer dan 98 miljard dollar in buitenlandse mijnbouw gestoken, verspreid over bijna twintig landen. De afgelopen paar jaar intensiveert China zijn inspanningen. Sinds 2023 investeerde het naar schatting 120 miljard dollar.

Afrika speelt daarbij een hoofdrol. Chinese bedrijven verwierven grote belangen in de Congolese kobaltmijnbouw en in koper in Zambia. Sinds 2001 investeerde China bovendien 24 miljard dollar in 363 havenprojecten wereldwijd, waarvan ongeveer de helft grondstof- en energieketens bedient. Van die havens liggen er 63 binnen vijfhonderd kilometer van een door China gefinancierde mijn.

Sinds april 2025 gebruikt Peking die marktpositie openlijk voor geopolitieke doeleinden. China plaatste 7 zeldzame aardmetalen op een exportcontrolelijst, waardoor er vergunningen nodig zijn. De Europese Kamer van Koophandel in China rapporteerde dat de Chinese autoriteiten tussen augustus en begin september 2025 slechts 19 van de 141 aanvragen van 22 Europese bedrijven hadden goedgekeurd. In december 2025 had de EU nog altijd geen klacht ingediend bij de Wereldhandelsorganisatie (WTO).

Wat staat er in de CRMA?

De Critical Raw Materials Act (CRMA) bevat een verordening met vier niet-bindende doelstellingen voor 2030. Van het jaarlijkse EU-verbruik van strategische grondstoffen moet ten minste 10 procent binnen de Unie worden gewonnen, 40 procent verwerkt en 25 procent uit recycling komen. De EU mag grondstoffen hooguit voor 65 procent uit één land importeren.

Om die doelen te realiseren heeft de Europese Commissie strategische projecten aangewezen. Het idee is om die projecten sneller een vergunning te verlenen en ze zichtbaar te maken voor financiers. Lidstaten moesten nationale programma's opstellen voor de zoektocht naar grondstoffen in de bodem (exploratie) en één loket inrichten voor vergunningaanvragen.

Wat zegt de Rekenkamer precies?

Het scherpste kritiekpunt gaat over de doelen zelf. De rekenmeesters zochten naar de onderbouwing van de percentages en vonden die niet: niet in de verordening, niet in de effectbeoordeling van 2023, en niet in enig ander openbaar of intern document van de Commissie. Ook is niet duidelijk gemaakt hoe het halen van die doelen bijdraagt aan de klimaatdoelen.

De doelen zijn overigens minder ambitieus dan ze klinken. De Rekenkamer schat dat de EU al zo'n 8 procent van haar verbruik zelf won toen de 10-procentnorm werd vastgesteld, en bij recycling zat ze op 12 procent tegenover een doel van 25 procent.

De 14 strategische partnerschappen met derde landen leveren tot nu toe weinig op. Er zijn 7 deals gesloten met landen die slecht scoren op het gebied van rechtsstaat, politieke stabiliteit en corruptiebestrijding. Bij 13 van de onderzochte grondstoffen nam de invoer uit partnerlanden tussen 2020 en 2024 toe, maar bij 13 andere grondstoffen daalde de import juist.

Er is meer slecht nieuws. De verwerkingscapaciteit krimpt in plaats van groeit. Tussen 2019 en 2023 verloor de EU ongeveer de helft van haar capaciteit voor primair aluminium, mede door de hoge energiekosten. Van de zeldzame aardmetalen wordt 100 procent buiten de Unie verwerkt.

Recycling stelt nog niets voor. Van de 26 grondstoffen die de energietransitie nodig heeft, worden er 10 helemaal niet gerecycled en 7 voor slechts 1 tot 5 procent.

De uitvoering loopt hopeloos achter. Van de 27 lidstaten hadden er in november 2025 pas 16 het verplichte éénloketsysteem opgezet, terwijl de deadline februari 2025 was. Zes lidstaten hadden hun exploratieprogramma nog niet ingediend. De Commissie komt zelf ook traag uit de startblokken. Zij deed slechts 2 oproepen voor strategische projecten in plaats van de 4 per jaar die de verordening voorschrijft.

De beloofde taxonomiecriteria voor duurzame financiering van mijnbouw, toegezegd voor eind 2021, ontbreken vier jaar later nog steeds. En van de 19 projecten die de Rekenkamer onderzocht, zaten er 13 nog in de verkennende fase. Eén ontwikkelaar vroeg faillissement aan nadat zijn project op de strategische lijst was gezet.

Hoe pakt de VS het aan?

Fundamenteel anders. Waar Brussel doelen stelt en lijsten maakt, koopt Washington zich in. Het ministerie van Defensie investeerde in juli 2025 400 miljoen dollar in het bedrijf MP Materials. Het werd daarmee grootaandeelhouder en garandeerde een bodemprijs die destijds ongeveer het dubbele van de marktprijs bedroeg.

In februari 2026 kwamen de volgende wapenfeiten. Washington legt met private partijen een strategische voorraad kritieke grondstoffen aan van circa 12 miljard dollar. Ook lanceerde het met 54 landen een handelsblok waarin afgesproken minimumprijzen met importheffingen overeind worden gehouden. Wie buiten China een raffinaderij bouwt, weet vooraf dat de prijs niet onder een bepaald niveau zakt. Chinese dumping wordt zo tegengegaan.

Op korte termijn werkt dat. De prijs van NdPr-oxide, het belangrijkste magneetmateriaal, steeg begin 2026 boven de gegarandeerde bodem uit. Kapitaal stroomt naar Amerikaanse producenten. Of het houdbaar is, hangt af van de Amerikaanse vraag. Die valt tegen nu de verkoop van elektrische auto's stokt.

Kan Europa het tij nog keren?

Voor de mijnbouw is de rekensom onverbiddelijk. Vanaf de eerste vondst tot een draaiende mijn verstrijken gemiddeld ruim 15 jaar, en in Zweden kan het proces oplopen tot boven de 30 jaar. Wat vandaag wordt aangeboord, komt pas rond 2040 op de markt. Alles wat in 2030 uit Europese bodem komt, moet al in de pijplijn zitten.

💡
Lees hier alle explainers van Studio Schumpeter

Waar wel iets te winnen valt, ligt elders. Om recycling naar substantiële percentages te tillen, is geen nieuwe mijn nodig, maar wel bindende en grondstofspecifieke doelen. Dat is precies wat de Rekenkamer aanbeveelt. Hetzelfde geldt voor vervanging: windturbines kunnen worden ontworpen met minder of zonder permanente magneten. Geld begint te komen. De Europese Investeringsbank (EIB) trekt 2 miljard euro per jaar uit voor investeringen in de grondstoffenketen. Duitsland zette via staatsbank KfW een eigen fonds van 1 miljard euro op.

De vraag is of Brussel bereid is in actie te komen. Anders blijft over wat de Rekenkamer feitelijk vaststelde: ambitie zonder uitvoering. Dan zit Europa klem tussen China dat al veertig jaar investeert in grondstoffen en de VS dat nu de portemonnee trekt.