De energietransitie bepaalt onze welvaart en vrijheid
De welvaart van Nederland staat onder druk. De economische groei stagneert, de netcongestie verlamt de innovatie en onze industrie betaalt fors hogere elektriciteitsprijzen dan concurrenten in China en de VS. De energietransitie is de sleutel om dat tij te keren. Niet als klimaatideaal, maar als harde economische randvoorwaarde voor onze welvaart en vrijheid.
We zijn in Nederland gewend geraakt aan de vanzelfsprekendheid van ons eigen succes. We behoren tot de rijkste landen ter wereld, onze zorg is toegankelijk, onze sociale zekerheid is sterk en de overgrote meerderheid van de bevolking omschrijft zichzelf als gelukkig.
Maar achter deze façade van welvaart pakken donkere wolken zich samen; het fundament onder onze nationale kracht begint te verzakken. We voelen het in de stroperige besluitvorming, de opstapelende regels en de energie die weg lijkt te lekken uit ons vermogen om grote problemen gezamenlijk op te lossen. Onze sterke economische basis verkruimelt, en als we niet ingrijpen, gaat de kwaliteit van leven de komende jaren hard achteruit.
In het hart van deze worsteling ligt de energietransitie. Het is een vergissing om de overgang naar een duurzaam energiesysteem louter te zien als een klimaatopgave of een morele verplichting. Het is in werkelijkheid een harde randvoorwaarde voor ons toekomstige verdienvermogen en onze strategische onafhankelijkheid.
De kern van de uitdaging waar we voor staan is fundamenteel economisch van aard. Om de stijgende kosten voor zorg, pensioenen en onderwijs in een vergrijzende samenleving te kunnen blijven dragen, heeft Nederland een jaarlijkse economische groei van 1,5 tot 2,0 procent nodig. De huidige prognoses zijn echter somber en blijven steken op minder dan de helft daarvan. Lage groei betekent geen trage vooruitgang, maar een structurele achteruitgang in onze welvaart.
Zonder economische groei verliest de overheid haar vermogen om te leveren, wat het vertrouwen in de democratie verder zal aantasten. Als de overheid niet voor een energievoorziening kan zorgen die duurzaam, betrouwbaar en betaalbaar is, dan valt een peiler onder de moderne samenleving weg en brokkelt uiteindelijk het sociale contract af. De energietransitie is geen abstract doel, maar de brandstof voor de motor van onze maatschappij.
Blokkade netcongestie
Toegang tot energie is sinds de industriële revolutie de bepalende factor achter elke welvaartsstijging geweest. Vandaag de dag is die toegang echter niet meer gegarandeerd. We zitten in een nationale crisis, waarbij netcongestie een blokkade opwerpt tegen vernieuwing van de economie en samenleving. Meer dan 14.000 bedrijven en organisaties staan momenteel in de wachtrij voor een elektriciteitsaansluiting.
Om dit te doorbreken moet de overheid een sturende rol nemen en scherpe keuzes maken over de toewijzing van de schaarse ruimte op het net. We kunnen schaarste niet langer louter verdelen op basis van 'wie het eerst komt, wie het eerst maalt', maar moeten overgaan naar een beleid waarbij we voorrang geven aan de meest productieve en strategische sectoren die essentieel zijn voor ons toekomstig verdienvermogen.
Het prioriteitskader van toezichthouder ACM is een goed begin, maar is nog niet scherp genoeg om veel innovatieve ondernemingen vooruit te helpen. Die bedrijven kunnen op dit moment simpelweg niet beginnen of uitbreiden, terwijl we ze keihard nodig hebben om de economie van morgen vorm te geven. De kosten van deze stilstand zijn gigantisch en worden geschat op tientallen miljarden euro’s aan gemiste omzet per jaar.
Ombouwen, niet afbouwen
Voor de Nederlandse industrie is de situatie nog urgenter. De elektriciteitsprijzen zijn hier significant hoger dan in omliggende landen en tot wel 60 procent hoger dan bij concurrenten in China en de VS. Waar de gemiddelde industriële elektriciteitsprijs in Frankrijk rond de 40 euro per megawattuur ligt en in Duitsland op 67 euro, betaalt de Nederlandse industrie gemiddeld 94 euro. Dat is niet vol te houden.
Als we niet oppassen, jagen we onze strategische basisindustrie het land uit. Het doel van de energietransitie moet daarom het ombouwen van onze industrie zijn, niet het afbouwen ervan. Sectoren zoals de chemie, raffinage en staal vormen de basis voor hoogwaardige ketens die essentieel zijn voor onze economie en ook voor onze defensie. Als we deze sectoren verliezen, verliezen we niet alleen banen, maar ook onze weerbaarheid.
Technologie als antwoord
De oplossing voor deze crisis ligt voor een belangrijk deel in technologische innovatie en in het slimmer benutten van alles wat we al hebben. Digitalisering kan zorgen voor veel intelligenter netbeheer, waardoor de bestaande capaciteit – die nu vaak maar voor 30 procent wordt benut – veel intensiever gebruikt kan worden. Op bedrijventerreinen ligt een enorme kans door stroomverbruik buiten piekmomenten te stimuleren en capaciteit onderling te delen. Dat dit werkt, bewijst een praktijkvoorbeeld uit Zeeland: door één grote afnemer (Air Liquide) te verleiden zijn verbruik beter over de dag te spreiden, kon de wachtlijst in die regio in één klap met 87 procent worden verminderd.
Minstens zo belangrijk is het om parallel aan flexibeler stroomgebruik, ook stevig te investeren in grootschalige energieopslag. Bedrijven zijn niet altijd in staat hun verbruik te plooien naar het variabele aanbod van zonneparken en windmolens. Sommige processen gaan nou eenmaal 24/7 door. Daarom zijn Industriële batterijen essentieel om de dal- en piekbelasting van zon en wind op te vangen en zo vraag en aanbod in balans te houden en het net te stabiliseren te houden.
Er staan genoeg veelbelovende projecten in de startblokken, zoals de ontwikkeling van zoutbatterijen door Nobian en de bouw van een nationale fabriek voor batterijcellen (BatCelFab). Cruciaal hierbij is de koppeling met circulariteit; door in te zetten op de recycling van lithium en andere kritieke grondstoffen, bouwen we onze eenzijdige afhankelijkheid van China af. Elke batterij die we recyclen is een stap richting een weerbare economie met strategische relevantie.
De transitie vraagt om een pragmatische inzet van alle middelen; van windparken op zee tot de productie van CO2-arme waterstof, en van het tijdelijk openhouden van gascentrales voor leveringszekerheid tot de ontwikkeling van kleine modulaire kernreactoren. We moeten onze energievoorziening niet dogmatisch, maar strategisch benaderen om te voorkomen dat we onze economische relevantie verliezen.
Batterijen, kritieke materialen en nucleaire innovatie
Deze economische relevantie is direct verbonden met de nieuwe geopolitieke werkelijkheid. In de wereld van vandaag geldt onverbiddelijk: wie technologisch niet meetelt, zit niet aan tafel. En wie niet aan tafel zit, staat op het menu. Technologische ontwikkelingen en geopolitieke aardverschuivingen herschikken de machtsverhoudingen in hoog tempo.
Europa en Nederland raken momenteel achterop bij China en de Verenigde Staten, die massaal investeren in cruciale domeinen zoals energie- en klimaattechnologie, maar ook grondstoffen. We lopen het risico onze oude afhankelijkheid van fossiele brandstoffen in te ruilen voor een nieuwe, eenzijdige technologische afhankelijkheid van andere grootmachten voor batterijen, kritieke materialen en nucleaire innovatie.
Om strategisch relevant te blijven, moet Nederland kiezen voor technologische niches waarin we onmisbaar zijn in de mondiale waardeketens. Net zoals we met de chipmachines van ASML een unieke positie hebben weten te verwerven, kunnen we dat ook doen in specifieke onderdelen van de energieketen, zoals offshore wind-innovaties of geavanceerde materialen voor elektrolyse.
Door zelf spil te worden in deze hoogtechnologische ketens, creëren we een onderhandelingspositie op het wereldtoneel. Alleen door te beschikken over unieke kennis en productiecapaciteit kunnen we voorkomen dat we ons moeten schikken naar de waarden van landen die niet de onze zijn. Strategische relevantie is daarmee de enige weg om onze eigen koers te kunnen blijven bepalen.
De rekening voor de burger
Economie is geen doel op zich. Uiteindelijk gaat het om mensen en behoud van onze planeet. De waarde van de energietransitie vertaalt zich direct naar de portemonnee en de kwaliteit van leven van iedere Nederlander. Zonder succesvolle energietransitie geen sterke economie. Zonder een sterke economie geen financiële ruimte voor de kostenstijgingen voor onder meer zorg en defensie. Als de Rijksoverheid de huidige publieke voorzieningen op het huidige welvaartsniveau wil houden, dan zal het de lastenverzwaringen op het bord van de burger moeten leggen. Dat kan dat bij een zeer lage economische groei een gemiddelde koopkrachtdaling betekenen van meer dan 7.000 euro per jaar per huishouden.
De energietransitie is geen hobby van een groene elite, maar een sociale noodzaak om welvaart en solidariteit blijvend te waarborgen. Het is de investering die nodig is zodat onze kinderen nog steeds goed onderwijs krijgen en dat de zorg voor onze ouderen betaalbaar blijft.
De route naar deze toekomstige welvaart vraagt om politieke moed en leiderschap. We kunnen ons niet langer verschuilen achter trage procedures en een woud van regels die innovatie verstikken. Elke dag dat noodzakelijke keuzes over energie en infrastructuur worden uitgesteld, kost het land meer dan de investeringen die nu nodig zijn. We moeten durven kiezen voor een hoogproductieve economie en de randvoorwaarden scheppen die daarvoor nodig zijn: een energienet dat wél werkt, vergunningen die sneller worden verleend en een overheid die weer dienstbaar is aan haar doelen in plaats van aan haar processen.
Dit vraagt heel concreet om een radicale versnelling in onze vergunningverlening. Het elektriciteitsnetwerk moet worden behandeld als een project van groot nationaal belang. Dat betekent dat we op strategische thema's het stikstofslot moeten doorbreken door nationale regie te voeren en te kiezen voor projecten met een hoge urgentie. We moeten durven werken met gedoogconstructies waarbij de bouw van cruciale energie-infrastructuur parallel kan lopen aan vergunningsprocedures, precies zoals we dat in recordtijd (200 dagen) deden bij de importterminal voor vloeibaar gas (LNG) in de Eemshaven. Alleen door ruimtelijke procedures drastisch te verkorten tot het absolute minimum, kunnen we de economische en maatschappelijke verlamming opheffen.
De toekomst wacht niet
Nederland heeft alles in huis om deze omslag te maken: de kennis, de creativiteit en het kapitaal zijn aanwezig. De wil om te bouwen en te vernieuwen is overal in het land voelbaar bij ondernemers, onderzoekers en vakmensen. Wat zij nodig hebben is richting en ruimte. De energietransitie is het fundament onder onze toekomstige kracht en vrijheid. Een duurzame energievoorziening is een noodzakelijke voorwaarde voor economisch succes, maar ook voor een verantwoordelijk, veerkrachtig en veilig land. We weten wat ons te doen staat. De toekomst wacht niet; laten we beginnen.
Peter Wennink, voormalig CEO ASML, auteur van het Rapport Wennink
Dit essay is onderdeel van 'De waarde van de energietransitie', een essaybundel op initiatief van TenneT waarin een dozijn opinieleiders reflecteert op wat de energietransitie ons werkelijk oplevert. De bundel biedt een caleidoscopisch beeld van economische, geopolitieke en maatschappelijke waarde, en van de kloof tussen ambitie en uitvoering. Je kunt hier complete bundel als pdf doorbladeren.

Reacties ()