Waarom netbeheerders flexcontracten (nog) zelden inzetten
Op vakantie in Toscane las ik afgelopen week De stand van de Uitvoering, het rapport van Netbeheer Nederland over netcongestie. Er is goed en slecht nieuws. Het goede nieuws is dat het aantal aanvragen van onder meer wind- en zonneparken, voor invoeding op het net, in het eerste halfjaar van 2026 voor het eerst daalde. Er stonden eind juni 8.558 aanvragen op de wachtlijst bij de regionale netbeheerders, tegenover 8.612 eind 2025.
Maar het slechte nieuws is dat de wachtlijst voor bedrijven en instellingen die een aansluiting willen om stroom af te nemen, nog steeds groeit. Bij de regionale netbeheerders stonden op 30 juni 2026 15.498 aanvragen op de wachtlijst, tegenover 15.154 eind 2025. In totaal zijn er dit eerste halfjaar 1.699 aanvragen gehonoreerd. Het aantal aanvragen stijgt dus sneller dan de netbedrijven aansluitingen kunnen leveren.
Netcongestie in Italië
Terwijl ik uitkeek over het Toscaanse heuvellandschap, vroeg ik me af hoe het in Italië staat met netcongestie. Ook hier blijken ze te kampen met krapte op het stroomnet. In het zuiden van het land en op Sicilië en Sardinië staan grote zonne- en windparken, terwijl de industrie (en dus de vraag) in het noorden zit, rond Milaan en Turijn. De hoogspanningsverbindingen tussen Noord en Zuid hebben te weinig capaciteit, waardoor netbeheerder Terna regelmatig gedwongen is wind- en zonneparken in het zuiden af te schakelen.
Ook in het noorden loopt het net vol. Rond Milaan liggen voor tientallen gigawatts aan aanvragen voor nieuwe aansluitingen, vooral van datacenters. Terna investeert tot 2034 ruim 23 miljard euro in het net, onder meer in onderzeese kabels die stroom van de eilanden en het zuiden naar het noorden moeten brengen. Ook wordt er geïnvesteerd in grote batterijen bij de knelpunten.
Flexcontracten
Terug naar Nederland. Terwijl de vraag naar transportcapaciteit sneller stijgt dan de netbeheerders kabels kunnen aanleggen, accepteren steeds meer bedrijven de consequentie daarvan. Ze sluiten flexibele contracten af. Als je bereid bent de spits te mijden, kun je vaak nog wel een aansluiting krijgen.
Het stroomnet zit maar op een beperkt aantal uren van de dag vol, bijvoorbeeld op een zonnige middag als zonneparken massaal stroom leveren (invoedingscongestie), of op een winterochtend als iedereen tegelijk stroom gebruikt (afnamecongestie). De rest van de tijd is er vaak genoeg ruimte. Netbeheerders proberen die pieken af te vlakken door bedrijven te vragen op zulke momenten even minder stroom te leveren of af te nemen. Daar zijn drie manieren voor, las ik in het rapport van Netbeheer Nederland.
Redispatch
De eerste maatregel heet redispatch. Dreigt er op een bepaalde dag een knelpunt op het stroomnet, dan zet de netbeheerder een oproep uit via het digitale platform GOPACS. Het platform scant vervolgens automatisch de beschikbare orders op aangesloten energiebeurzen. Bedrijven bieden daar hun flexibiliteit aan, bijvoorbeeld: "ik ben bereid morgen tussen 12 en 15 uur mijn zonnepark terug te schroeven, en daar wil ik zoveel geld voor hebben."
De netbeheerder kiest vervolgens de meest kostenefficiënte aanbieding om het knelpunt op te lossen. Omdat er door het terugschroeven ergens stroom ontbreekt, activeert GOPACS tegelijkertijd een tegenovergestelde order buiten het congestiegebied, waar een bedrijf juist extra stroom gaat produceren, zodat het net als geheel in balans blijft.
Capaciteitssturingscontract en noodcurtailment
De tweede manier is een capaciteitssturingscontract. Hier wordt niet per keer onderhandeld. Bedrijf en netbeheerder sluiten een contract waarin ze vooraf afspreken hoeveel vermogen de netbeheerder mag terugschroeven en onder welke voorwaarden. Het bedrijf krijgt daar een vergoeding voor. De derde manier is de noodrem. Als er onvoldoende aanbiedingen zijn en het net dreigt uit te vallen, mag de netbeheerder installaties eenzijdig afregelen of zelfs afschakelen. Dat heet noodcurtailment. Hier is geen sprake meer van een markt of een onderhandeling.
Redispatch werd volgens Netbeheer Nederland in de eerste helft van 2026 maar 24 keer gebruikt, tegen 87 keer in heel 2025. De hoeveelheid stroom die zo werd verschoven, daalde van 5.467 megawattuur naar 162 megawattuur.
Het aantal capaciteitssturingscontracten groeide sterk, naar 769. Samen gaat het om 4,4 gigawatt, ongeveer het vermogen van vier grote kolencentrales. Omdat de netbeheerder kan ingrijpen om de spits op het stroomnet te dempen, kan hij toch nieuwe klanten toelaten. De groei van het aantal capaciteitssturingscontracten zit vooral bij de invoeders. "Het afsluiten van een capaciteitssturingscontract met invoeders is doorgaans eenvoudiger dan met afnemers. Een zonne- of windpark kan de invoeding vaak makkelijker tijdelijk aanpassen dan een fabriek de afname", aldus het rapport.
Beperkt gebruik van flexcontracten
Maar het gebruik van capaciteitssturingscontracten is beperkt, valt op. Voor afname werd het in het eerste halfjaar slechts 68 keer gebruikt, tegen 47 over heel 2025. Rens Savenije van Eddy Grid vraagt zich in deze LinkedIn-post af wat daar de oorzaak van is.
Waarom blijft de inzet van capaciteitssturingscontracten beperkt, terwijl het aantal contracten wel snel toeneemt? Die vraag heb ik voorgelegd aan Hans-Peter Oskam, directeur van Netbeheer Nederland. De inzet van contracten loopt altijd achter op het afsluiten van contracten, legt hij uit: "We sluiten flexcontracten juist af in gebieden waar we in de toekomst congestie verwachten doordat de vraag naar capaciteit daar sneller groeit dan we kunnen uitbreiden. Van nieuwe aansluitingen met een capaciteitssturingscontract hebben we zekerheid dat ze bij die toekomstige krapte op het net geen piek zetten, dus kunnen we ze met zekerheid nu al aansluiten. Kortom, de inzet van flex loopt altijd in de tijd achter op het afsluiten van het contract. Dat is juist een teken dat het werkt zoals bedoeld. Uiteraard verwachten we dat de inzet wel gaat groeien de komende jaren."
Waarvan akte. Ik ben benieuwd of we in het volgende rapport een stijgende inzet van de flexcontracten gaan terugzien.
Luister ook naar de Studio Schumpeter-podcast van vrijdag, daarin legt Paul Giesbertz uit hoe de prijs van stroom op de elektriciteitsmarkt tot stand komt.
Reacties ()